Wereld Alzheimer dag: Vergeetachtig of dement? Tien signalen die kunnen wijzen op Alzheimer

Wereld Alzheimer dag: Vergeetachtig of dement? Tien signalen die kunnen wijzen op Alzheimer

Bij iedereen gaat het geheugen langzaam achteruit met het ouder worden. U leert minder gemakkelijk nieuwe dingen dan vroeger, u vergeet al eens iets, u denkt minder snel… Dat is normaal. Het is dus niet omdat uw vader twee- of driemaal dezelfde vraag stelt, even de naam van zijn kleinkind is vergeten, zijn bril niet kan vinden of af en toe wat verward is, dat hij op weg is om dement te worden. Bovendien kunt u bij het ouder worden te maken krijgen met lichamelijke kwaaltjes waardoor u af en toe eens verward kunt zijn. Of u kunt emotioneel zwaar onder de indruk zijn van een overlijden, een verhuis… Dat is allemaal normaal.

Dementie is geen normaal ouderdomsverschijnsel

Dementie is geen normaal ouderdomsverschijnsel. Bij dementie gaat het geheugen veel sneller en erger achteruit dan normaal is voor uw leeftijd omdat een hersenziekte uw hersenen doet aftakelen. Ook de taal verslechtert, vertrouwde handelingen gaan verloren, bekende voorwerpen worden niet meer herkend enzovoort.
 
Dementie is een verzamelnaam voor een aantal hersenaandoeningen die psychische, lichamelijke, geestelijke en sociale aftakeling met zich meebrengen. Naar schatting lijdt 6 procent van de 65-plussers en 30 procent van de 80-plussers aan dementie. Er zijn verschillende oorzaken van dementie, maar ze hebben allen ongeveer dezelfde kenmerken en symptomen. 
 
De belangrijkste oorzaak van dementie is de ziekte van Alzheimer. Meer dan 60 procent van de mensen met dementie lijdt aan deze aandoening. 
De symptomen van deze aandoening zijn – zeker in de beginfase – niet altijd even duidelijk herkenbaar. De eerste verschijnselen van dementie zijn meestal subtiele gedragsveranderingen. Beetje bij beetje verslechtert het verstandelijk functioneren. In de loop van de aandoening treden er veranderingen in het gedrag en karakter op. Hoe verder de ziekte vordert, hoe ernstiger de symptomen worden.
 
De Alzheimer’s Association heeft een lijst opgesteld met 10 waarschuwingssignalen die er op kunnen wijzen dat iemand lijdt aan de ziekte van Alzheimer. Bij andere oorzaken van dementie kunnen bij de aanvang andere symptomen op de voorgrond treden.

 

Tien waarschuwingssignalen

 

1. Geheugenverlies

Iemand met (beginnende) Alzheimer vergeet vaak recente dingen en gebeurtenissen. Hij vergeet bijvoorbeeld wat hij gegeten heeft, wie er net is geweest, waar hij zaken gelegd heeft… Maar ook namen en telefoonnummers, data (zoals verjaardagen van kinderen of kleinkinderen)... Ook het herhalen van dezelfde dingen of het steeds weer herhalen van dezelfde vragen, kan een signaal zijn. 
In een eerste fase van dementie kan het gebeuren dat de persoon camouflagetechnieken’ gebruikt om dit zo veel mogelijk te verstoppen voor de omgeving, en gaten in zijn geheugen gaat opvullen met gebeurtenissen die hij zich inbeeldt. Hij kan bijvoorbeeld vertellen dat hij gisteren naar de cinema is geweest, terwijl dit helemaal niet het geval was. 
Opmerkelijk is wel dat het langetermijngeheugen in veel gevallen gedurende lange tijd goed blijft. Pas in een volgende fase zal dat langetermijngeheugen verloren gaan.
 
Bij gewoon ouderdomsgeheugenverlies vergeet men wel eens namen of afspraken, maar meestal herinnert men zich die later wel weer.
 

2. Problemen bij het plannen en organiseren

Personen met dementie krijgen geleidelijk aan moeite om dingen te plannen, te organiseren en beslissingen te nemen. Hierdoor kunnen ze complexe handelingen niet langer uitvoeren. Bijvoorbeeld een recept uitvoeren, een nieuw elektrisch apparaat bedienen, medicatie beheren, boodschappen doen of de maandelijke rekeningen opvolgen. Of ze begrijpen niet (meer) begrijpen waar bepaalde cijfers voor staan. Ook kunnen ze minder flexibel denken en handelen waardoor ze soms sterk vasthouden aan bepaalde gewoontes of niet bijsturen na een fout. 
 

3. Problemen met het uitvoeren van makkelijke taken (‘apraxie’)

Gewone handelingen uitvoeren gaat steeds moeilijker omdat men soms het overzicht verliest en niet meer weet waar men mee bezig is, wat er reeds gedaan is en hoe het verder moet aangepakt worden. Bijvoorbeeld geldzaken regelen, bedienen van huishoudelijke apparaten, hobby’s uitoefenen… Ook wordt het lastiger om dingen in de juiste volgorde uit te voeren. Zoals koffie zetten, een maaltijd bereiden, zich te wassen of te scheren, tanden te poetsen, zich aan- en uit te kleden, knopen dicht te doen, kaartspelen… 

 

 

4. Verwardheid (desoriëntatie) in tijd en/of ruimte

Een persoon die lijdt aan de ziekte van Alzheimer kan zich vergissen in tijd en plaats. 
Desoriëntatie in ruimte kan zich op verschillende manier manifesteren, bijvoorbeeld door het vergeten van de woonplaats, het verloren lopen in plaatsen die normaal goed bekend zijn, niet meer weten waar men is…
 
Desoriëntatie in tijd kan zich uiten in het vergeten van data of afspraken, het niet meer weten welke dag of maand het is, of het dag of nacht is… Die desoriëntatie in tijd leidt vaak tot nachtelijke onrust. 
 
In een latere fase van dementie kan de persoon mensen uit zijn directe omgeving niet meer herkennen. 
Bij een gewone ouderdomsvergeetachtigheid kan men wel eens twijfelen aan de dag van de week, maar vrij snel herinnert men zich dat weer.
 

5. Problemen met het herkennen van voorwerpen, geluiden en geuren (agnosie)

Na verloop van tijd kan de persoon met Alzheimer problemen krijgen met het herkennen van voorwerpen, gezichten, geluiden, geuren… Hij kan dan wel goed zien, horen, ruiken en voelen maar herkent niet datgene wat hij waarneemt. Hij kan bijvoorbeeld verbrande lucht ruiken maar de betekenis van die geur niet herkennen. Of hij kan bijvoorbeeld de rinkelende telefoon wel horen, maar het signaal niet herkennen als verzoek tot communicatie. Ook het kan zijn dat hij het signaal wel herkent, maar de telefoon niet herkent als toestel. En hij kan ook afstanden minder goed inschatten. 
 

6. Taalproblemen (‘afasie’)

Een ander symptoom is het vergeten van eenvoudige woorden. De persoon met dementie kan wat hij ziet of hoort, niet meer benoemen. Zelfs basiswoorden zoals ‘brood’, ‘bed’ of ‘eten’ kunnen vergeten worden. Ook kunnen woorden in de verkeerde context of ongewone woorden worden gebruikt (bijv. ‘klok’ voor ‘uur’, of ‘drink’ voor ‘water’). De persoon kan midden in een gesprek stoppen met praten en vergeten hoe hij verder moet. Of hij herhaalt wat hij daarvoor al zei. Een gesprek volgen wordt ook moeilijker.
 
Bij ouderdomsvergeetachtigheid kan men wel eens moeite hebben om direct het juiste woord te vinden, maar vroeg of laat komt men er toch op.

 

 

7. Zaken op de verkeerde plaats leggen

Een persoon met Alzheimer kan dingen op de verkeerde plaats leggen en spullen kwijtraken en niet meer achterhalen waar hij ze gelaten heeft. Bijvoorbeeld een tandenborstel in de koelkast of een boek in de oven leggen. 
Iedereen kan wel eens iets verkeerd leggen, maar meestal slaagt men erin om op zijn stappen terug te keren en het voorwerp toch terug te vinden.
 

8. Het slecht inschatten van situaties

Het slecht inschatten van situaties kan op verschillende manieren gebeuren. Een Alzheimer-patiënt kan bijvoorbeeld een warme jas aantrekken wanneer het bloedheet is of in volle winter in zijn hemdsmouwen het huis verlaten. Of hij kan spullen kopen die hij niet nodig heeft, aanbiedingen slecht beoordelen en ineens veel geld uitgeven… 
 
Dat kan zich ook uiten in ongepast gedrag, zoals zich uitkleden in gezelschap, beginnen vloeken, seksueel getinte opmerkingen geven, bang zijn van de televisie, omdat hij de beelden voor echt waarneemt. Meestal heeft dat verminderde oordeelsvermogen ook tot gevolg dat de persoon met dementie zelf niet inziet dat hij ziek is.

 

9. Verlies van initiatief en/of sociaal isolement (apathie)

Iemand met Alzheimer kan zich isoleren en zich bijvoorbeeld stoppen met favoriete hobby’s, sociale activiteiten mijden, de dingen van alledag niet meer willen doen… Maar bijvoorbeeld wel de hele dag televisie kijken. 
 

10. Gedrags- en persoonlijkheidsveranderingen

Iemand met dementie kan ander gedrag gaan vertonen. Hij kan verward, achterdochtig, depressief, angstig of erg prikkelbaar worden. Hij kan bijvoorbeeld denken dat er zaken gestolen worden.  Ook dwaalgedrag, roepen, geagiteerd of agressief gedrag… kunnen voorkomen.
 
Zonder duidelijke aanleiding kan zijn stemming omslaan. Zo kan de persoon met dementie plots beginnen huilen en een half uur later erg vrolijk zijn.
Ook het karakter verandert. Hij kan soms dingen doen die hij anders nooit deed. Bij mensen die bijvoorbeeld eerder gesloten en introvert zijn, kan het voorkomen dat zij plots een openheid en ontremming vertonen.

 

Hoe vroeger hoe beter

Wanneer u zelf of een familielid een of meer van deze gedragingen vertoont, is er zeker nog geen reden voor paniek. Toch is het dan verstandig om een afspraak met uw arts te maken. Het heeft weinig zin om te wachten tot de symptomen erger worden. 
Uw arts kan een aantal testen en onderzoeken uitvoeren om na te gaan of het inderdaad om dementie gaat, dan wel om normaal geheugenverlies of bijvoorbeeld een depressie. 
Hoe eerder Alzheimer wordt behandeld, hoe beter. Genezing is weliswaar onmogelijk, maar een behandeling die de ziekte vertraagt, is wel mogelijk.

 

 

Bronnen
 
 
 
 
 
 

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden
Cookies worden bewaard. Manage cookies